Boek Nederlands

Het putje van Milete : essays

Stefan Hertmans (auteur)

Het putje van Milete : essays

Stefan Hertmans (auteur)
Genre:
Essays over poe͏̈zie, architectuur, filosofie en politiek.
Titel
Het putje van Milete : essays
Auteur
Stefan Hertmans
Taal
Nederlands
Uitgever
Amsterdam: Meulenhoff, 2002
407 p.
ISBN
90-290-7134-6

Beschikbaarheid en plaats in de bib

Besprekingen

Het Pauluscomplex van Stefan Hertmans

In Het putje van Milete heeft Stefan Hertmans ruim twintig essays verzameld die hij de afgelopen twaalf jaar heeft geschreven. De thema's in zijn beschouwend werk zijn even verscheiden als de genres die hij beoefent. Wat houdt dit veelkantige oeuvre bij elkaar? Waarvoor staat de intellectueel Hertmans?

HERTMANS (1951) heeft zijn teksten voor deze uitgave herzien en het geheel als een tweeluik gestructureerd. Het eerste deel bevat voornamelijk beschouwingen over filosofen, en het tweede deel over schrijvers. Die ordening is tamelijk hardvochtig. In dat eerste deel staan namelijk veruit de moeilijkste stukken. Hertmans' beschouwingen over onder meer Martin Heidegger, Ludwig Wittgenstein, Peter Sloterdijk en Theodor Adorno zijn absoluut lezenswaard, maar voor de niet onderlegde lezer ongetwijfeld vaak taai, al was het maar omdat de ideeën die Hertmans er uit de doeken tracht te doen nu eenmaal niet eenvoudig zijn. Daarnaast bevat dit filosofische luik ook een lang essay over het annus horribilis 1996 in de Belgische politiek - toen de arrestatie van Marc Dutroux en de daarop volgende gruwelijke ontdekkingen het land in een nooit geziene staat van algehele verontwaardiging en ontreddering stortten - en twee essays over Nederlandse aangelegenheden: de nieuwbouwarchitectuur van de Rot…Lees verder

Van de stelling gevallen

De filosoof Thales van Milete viel in een put 'omdat hij naar de sterrenhemel liep te staren'. Het voorval, zegt Stefan Hertmans in zijn nieuwe essaybundel, 'drukt perfect uit wat het grootste gevaar van verheven gedachten vormt: dat je concrete situaties uit het oog verliest'. Wie 'Het putje van Milete' leest, ontdekt dat er wel meer gevaren verbonden zijn aan verheven gedachten. En dat deze bundel niet echt een hoogtepunt is in het werk van Stefan Hertmans.

Het nieuwe boek is een verzameling en herschrijving van oude stukken. In een eerste afdeling staan tien cultuurfilosofische essays die een kritische kijk willen geven op de actualiteit, gaande van Marc Dutroux en Pim Fortuyn tot Wittgenstein, Heidegger en Adorno. De tweede afdeling bevat elf literaire essays waarin onder meer Gilliams, Claus, De Coninck en Verhelst aan bod komen. Uit beide delen spreekt eenzelfde verlangen: zien wat de gemiddelde mens niet ziet en op die manier begrijpen wat meestal aan de greep ontsnapt. Het is het verlangen niet in het putje te vallen, niet blind te zijn voor het vanzelfsprekende dat als een 'black whole' ons begrijpen aantast.

Bescheiden

Aan het begin van het boek zegt Hertmans dat zo'n verlangen paradoxaal is. Hij kan wel proberen de blinde plekken in onze denkpatronen op te helderen, maar zijn poging is onvermijdelijk zélf aangetast door dergelijke plekken. Zijn kritiek bevestigt de pretenties die hij wil doorprikken. 'Ik kan niet …Lees verder

In Het putje van Milete verzamelde Stefan Hertmans een groot aantal van de essays die hij de laatste jaren in diverse kranten en tijdschriften gepubliceerd heeft. Het is een losse en erg heterogene verzameling geworden, maar toch heeft Hertmans een minimum aan structuur aangebracht. Hij heeft zijn boek nl. opgedeeld in twee helften, waarvan de eerste essays over filosofische, politieke en actuele vraagstukken bevat, terwijl de stukken uit het tweede deel gewijd zijn aan (aspecten uit) de oeuvres van verschillende dichters en prozaschrijvers.

De kwaliteit van de essays uit deel één is ongelijk. Sommige zijn doorwrocht en tonen Hertmans' filosofische moed, zijn wil om dóór te denken en niet terug te schrikken voor de dreiging in aporieën te belanden (het eerste bv., over de 'droom van het globalisme'). Andere opstellen zijn minder memorabel en soms, zoals het stuk over de situatie van de Belgische politiek na de Dutroux-affaire, al te veralgemenend. Gelukkig krijgt Hertman…Lees verder
Hertmans (1951) is behalve dichter en prozaïst schrijver van essays, verschillende aspecten van één schrijverschap. Dat is even veelzijdig als zijn belangstelling zoals die in deze bundel van essays van de afgelopen tien jaar uitgaat naar de poëzie, architectuur, filosofie en politiek. En dat alles met kennis van zaken maar vooral gedreven door de wens te weten hoe de dingen in elkaar zitten. Een bundeling verbindt bovendien die gebieden. Aandacht voor details, zoals in het uitpluizen van teksten en dichtregels, wordt dan een aanvulling en concretisering van wat hij in grote, soms eeuwen omspannende lijnen traceert. De veelzijdigheid blijkt al uit de namen die aan bod komen, van Wittgenstein tot Sloterdijk, van Hugo Claus tot Peter Verhelst, Nederlandse en Vlaamse. En als het om Nederlandse architectuur en leefgewoonten gaat, maakt Hertmans dankbaar gebruik van zijn buitenlandse blik. Hij schuwt de eigen beleving bij dat alles niet, wat de eruditie nergens tot louter boekenwijsheid l…Lees verder